Bevolking in een huishouden met zeer lage werkintensiteit
Ruim helft werklozen leeft in huishouden met zeer lage werkintensiteit
Naar geslacht is er nauwelijks verschil op vlak van zeer lage werkintensiteit, naar leeftijd is dat er wel. Het aandeel personen in een huishouden met lage werkintensiteit liep in 2024 op tot 14% in de oudste leeftijdsgroep (50- tot 64-jarigen), en ligt daarmee boven het aandeel in de jongere leeftijdsgroepen.
Opgedeeld naar huishoudtype lag het aandeel in zeer lage werkintensiteit in 2024 het hoogst bij alleenstaanden (23%) en eenoudergezinnen (18%).
Naar arbeidsstatus is het hoogste aandeel personen in een huishouden met zeer lage werkintensiteit te vinden bij werklozen (53%). Bij niet-actieven (buiten gepensioneerden) ging het om 26%.
Het aandeel in zeer lage werkintensiteit ligt veel hoger bij huurders (18%) dan bij eigenaars (4%).
Het aandeel in zeer lage werkintensiteit daalt naarmate het opleidingsniveau stijgt: bij de laaggeschoolden ging het in 2024 om 20%, bij de hooggeschoolden om 4%.
Ten slotte varieert het aandeel personen ook sterk naar geboorteland. Bij personen geboren in België ging het in 2024 om 6%, bij personen geboren buiten de EU om 17%.
Aandeel in zeer lage werkintensiteit hoogst in provincie Oost-Vlaanderen
Het aandeel personen in een huishouden met zeer lage werkintensiteit lag in 2024 het hoogst in de provincie Oost-Vlaanderen (9%) en het laagst in Vlaams-Brabant (5,5%).
Aandeel met zeer lage werkintensiteit in Vlaams Gewest lager dan in andere gewesten en EU27-gemiddelde
Het aandeel personen in een huishouden met zeer lage werkintensiteit lag in 2023 in het Vlaamse Gewest (6%) lager dan in het Waalse Gewest (17%) en het Brusselse Hoofdstedelijke Gewest (18%). In België in zijn geheel lag dat aandeel op 11%.
In de 27 landen van de Europese Unie (EU27) lag het aandeel in zeer lage werkintensiteit in 2023 op 8% van de bevolking. In verschillende Oost-Europese landen en in een aantal Baltische staten lag dat aandeel onder het EU27-gemiddelde. In België lag het aandeel met 11% het hoogst.
Cijfers voor 2024 zijn nog niet voor alle EU-landen beschikbaar. Maar voor België en de gewesten is dat wel het geval. In 2024 lag het aandeel personen in een huishouden met zeer lage werkintensiteit in het Vlaamse Gewest op 7%. In het Waalse Gewest lag dat aandeel op 16% en in het Brusselse Hoofdstedelijke Gewest op 20%. In België in zijn geheel ging het om 11%.
Bronnen
- Statbel:
- Eurostat: